Gemeente Gemeente Grobbendonk

Land- en tuinbouw

Door de coronacrisis lijden veel tuin- en landbouwbedrijven economische schade. De Vlaamse overheid heeft daarom beslist om bijkomende maatregelen te nemen. Deze bedrijven kunnen beroep doen op een compensatiepremie bij groot omzetverlies en een waarborgregeling.
De coronacrisis zorgt voor veel economische schade bij tuin-en landbouwers.

Volgende maatregelen worden genomen om de land- en tuinbouwers financieel tegemoet te komen:

  • Bedrijven die niet verplicht moeten sluiten maar toch meer dan 60% omzetverlies lijden in de periode maart-april ten opzichte van dezelfde periode in een normaal jaar, hebben recht op een compensatiepremie van 3.000 euro van het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO).
  • Bedrijven die hun locatie deels moeten sluiten, zoals de verbruikerszaal van een boerderij met hoeveverkoop of de marktverkoop moeten stopzetten, konden al tot en met 19 mei 2020 een éénmalige hinderpremie bekomen van 4.000 euro, aangevuld met 160 euro per dag als de sluiting langer duurt dan 21 dagen. Meer informatie hierover kan je terugvinden op www.vlaio.be/coronahinderpremie.
  • Specifiek voor een aantal sectoren waaronder de sierteeltbedrijven wordt via een noodfonds voorzien in een afzonderlijke vergoeding voor gemaakte kosten van bloemen en planten die niet tijdig verkocht geraken.

Evaluatie voor 30 april 2020
Alle maatregelen voor steun aan ondernemingen die verplicht moeten sluiten of die beperkingen ondervinden door de genomen maatregelen zullen voor 30 april 2020 ook geëvalueerd worden. De verschillende steunmaatregelen kunnen niet gecombineerd worden. Wie gebruik wil maken van de eerdere coronahinderpremie, kan niet genieten van de éénmalige compensatiepremie van 3.000 euro.

Waarborgregeling
Bedrijven die kampen met financiële problemen kunnen rekenen op een waarborgregeling, via het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF). De waarborg is toegankelijk voor bedrijven met een brutobedrijfsresultaat van minimaal 40.000 euro per bedrijfsleider. De aanvrager moet kunnen aantonen dat zijn/haar bedrijf negatieve gevolgen ondervindt zoals een omzetdaling of het niet tijdig kunnen verkopen van producten. De maximale looptijd van de kredieten is zeven jaar en de waarborg geldt voor drie jaar. De waarborg bedraagt maximaal 80% van het subsidiabele kredietbedrag.