Tekenbeten, ze kunnen je ziek maken
Had jij al eens een tekenbeet? Teken kun je overal in de natuur tegenkomen: in bossen, parken, tuinen en langs wandelpaden. Ook tijdens het tuinieren of wanneer kinderen buiten spelen, kan je een tekenbeet oplopen.
Een tekenbeet merk je meestal niet meteen, maar ze kan je wel ziek maken. Daarom is het belangrijk om te weten hoe je tekenbeten kunt voorkomen en wat je moet doen als je gebeten bent.
Doe de tekencheck
Teken bijten zonder dat je het voelt en verstoppen zich graag op warme, vochtige plekjes op het lichaam. Controleer jezelf en je huisgenoten daarom dezelfde dag nog na een bezoek aan de natuur.
Let vooral op:
- knieholtes
- liezen en bilspleet
- oksels
- navel
- haarlijn en achter de oren
- tussen de tenen
Verwijder een teek op de juiste manier
Heb je een teek gevonden? Verwijder die dan zo snel mogelijk met een tekenverwijderaar. Trek de teek rustig en in één beweging uit de huid.
Gebruik geen alcohol, jodium, zeep, ether of olie en duw de teek niet plat. Dat kan de kans op overdracht van ziektekiemen vergroten.
Let een maand op symptomen
Hou de plaats van de beet gedurende één maand in het oog. Neem contact op met je huisarts als:
- er een rode vlek ontstaat die groter wordt,
- je grieperige klachten krijgt zoals koorts, spier- of gewrichtspijn.
Meld altijd dat je een tekenbeet hebt gehad.
Tekenencefalitis (TBE)
Teken kunnen verschillende ziekten overdragen. De bekendste is de ziekte van Lyme, maar sinds enkele jaren komt in Vlaanderen ook tekenencefalitis (TBE) voor.
Tekenencefalitis is een ziekte die veroorzaakt wordt door een virus, dat in zeldzame gevallen voor een ontsteking van de hersenen of hersenvliezen kan zorgen.
Ook in de omgeving van onze gemeente werd een besmetting met tekenencefalitis opgelopen door een tekenbeet. De ziekte blijft heel zeldzaam, maar omdat het virus snel na de beet kan worden overgedragen, is het voorkomen van tekenbeten extra belangrijk.
Zo verklein je de kans op een tekenbeet
- Blijf zoveel mogelijk op de paden.
- Draag lange mouwen en een lange broek.
- Stop je broekspijpen in je kousen.
- Draag gesloten schoenen.
- Gebruik een insectenwerend middel (vraag advies aan je apotheker).
Geen enkele maatregel biedt volledige bescherming. Doe daarom een tekencheck bij jezelf en je huisgenoten na elke activiteit in de natuur of tuin.

